Toelichting bij Liefde en trouw
Voorbereiding op de trouwviering
Informatie
Aan de trouwdienst gaan de nodige stappen vooraf. Informatie over trouwvieren in de kerk is verkrijgbaar bij het kerkelijk bureau of bij een predikant. Op het kerkelijk bureau zal men vragen of (één van) beide partners van het trouwpaar een gedoopt lid is/zijn van de Kerk. Ook zal men willen weten op welke termijn de trouwdienst plaats zal vinden. Het is aan te raden in een vroeg stadium contact op te nemen met de kerk, liefst voordat de datum van de trouwdag wordt vastgelegd.
Aangifte bij de kerkelijke gemeente
Nadat het eerste contact met het kerkelijk bureau of een predikant gelegd is, doet het trouwpaar aangifte van de (in)zegening van hun huwelijk of de zegening van de levensverbintenis. Dit kan men doen bij het kerkelijk bureau of bij de scriba van de gemeente waarin tenminste één van beide partners is ingeschreven. De keuze van de predikant die in de trouwdienst zal voorgaan, wordt in overleg vastgesteld. Wanneer het trouwpaar verlangt dat een ander dan de wijkpredikant voorgaat, zal de kerkenraad goedkeuring moeten verlenen. Het is immers de kerkenraad onder wiens verantwoordelijkheid de dienst plaatsvindt.
Trouwgesprek
Ter voorbereiding op de trouwdienst zal de voorganger een gesprek (soms meerdere gesprekken) met het paar voeren. Daarin zullen in ieder geval de inhoud van de trouwzegen en van de toezegging of vragen worden besproken. De wensen van het paar en de gewoonten van de kerkelijke gemeente kunnen in dit gesprek kenbaar gemaakt worden en zoveel mogelijk op elkaar afgestemd. Ook kunnen aspecten van geloof en leven besproken worden. In gemeenschappelijk overleg stellen predikant en trouwpaar de dienst samen en bespreken zij wie in de dienst een rol zullen vervullen.
Afkondiging in de gemeente
Enkele weken voorafgaand aan de datum van de trouwdienst wordt in de eredienst van de gemeente waartoe tenminste één van beide partners behoort, deze trouwdienst afgekondigd en opgeroepen tot voorbede. De trouwviering wordt eveneens in het kerkblad gepubliceerd, aangezien het een openbare eredienst betreft die voor iedereen toegankelijk is.
Orden voor de trouwdienst
Dit dienstboek biedt een aantal orden voor de eredienst van de gemeente waarin het verbond van liefde en trouw dat twee mensen zijn aangegaan (in)gezegend wordt. Omdat er liturgisch geen wezenlijk onderscheid gemaakt kan worden tussen ‘inzegening’ en ‘zegening’, wordt in deze toelichting meestal de term ‘trouwdienst’ gebruikt – een term die ook gebruikt is in de Kerkorde (Ordinantie 5-3 en 5-4). De Protestantse Kerk in Nederland kent twee soorten trouwdiensten: de inzegening van het huwelijk van man en vrouw en de zegening van andere levensverbintenissen. De overeenkomsten tussen beide soorten trouwdienst zijn gelegen in de gelijke structuur, de variatiemogelijkheden in de opbouw, identieke vragen, bewoordingen van de zegen en de andere gebeden. De inhoudelijke accenten die gelegd worden in de afzonderlijke trouwgebeden en inleidingen en de taalkundige verschillen in deze teksten maken het verschil tussen beide soorten trouwdienst. Deze teksten zijn wel liturgisch onderscheiden, maar hebben geen andere geloofsinhoud. Veel bewoordingen van trouwgebeden en inleidingen zijn daardoor – met een enkele taalkundige wijziging – goed onderling uitwisselbaar.
Onder de orden bevinden zich twee formulieren met een klassieke gereformeerde vorm en inhoud: een vernieuwd en een hertaald formulier. Deze zijn uitsluitend bedoeld voor de inzegening van een huwelijk tussen man en vrouw.
Opbouw van de orden
De orde van een trouwdienst verschilt eigenlijk maar in één opzicht van de orde voor de zondagsviering, namelijk in het gebed om en de gave van de zegen over het trouwpaar. Aan het grondpatroon van de zondagse eredienst, Schrift en Maaltijd of Schrift en gebed, wordt dus alleen de rubriek ‘zegen’ toegevoegd. Variaties en/of aanvullingen, voortkomend uit eigen creativiteit, zijn uiteraard mogelijk. Een overzicht van de verschillende orden levert in schema het volgende op:
Dienst van Schrift, zegen en gebed (inzegening van het huwelijk: orden I en II, zegening van andere levensverbintenissen: orden I en II)
vaste elementen
variabele elementen
persoonlijk voorbereiding
begroeting
bemoediging of openingsvers
psalm of gezang
(openings)gebed
lezing uit de heilige Schrift
psalm of gezang
overweging
psalm of gezang
trouwgebed (orde I) of inleiding (orde II)
persoonlijke verantwoording
toezegging of vragen
ringwisseling
gebed om de Geest (orde II)
zegen onder handoplegging
psalm of gezang
overhandiging trouwkaars
overhandiging huisbijbel
inzameling van de gaven
dankzegging, voorbede, stil gebed
gebed des Heren
slotlied
zending en zegen
inzameling van de gaven
Dienst van Schrift, zegen en gebed (inzegening van het huwelijk: orde III, vernieuwd liturgisch formulier uit de gereformeerde traditie)
vaste elementen
variabele elementen
bemoediging en groet
psalm of gezang
gebed
lezing uit de heilige Schrift
psalm of gezang
prediking
psalm of gezang
onderwijzing
psalm of gezang
toezegging of vragen
ringwisseling
gebed om de Geest
zegen onder handoplegging
psalm of gezang
overhandiging trouwkaars
overhandiging huisbijbel
inzameling van de gaven
dankzegging en voorbede
slotlied
zegen
inzameling van de gaven
Dienst van Schrift, zegen en Maaltijd van de Heer (inzegening van het huwelijk: orden IV en V, zegening van andere levensverbintenissen: orden III en IV)
vaste elementen
variabele elementen
INTREDE – A
intredelied
begroeting
bemoediging
intredelied
kyrie en gloria
gebed van de dag of gebed om verlichting met de heilige Geest
INTREDE – B
intredelied
begroeting
bemoediging
intredelied
verootmoediging
gebed van de dag of gebed om verlichting met de heilige Geest
DE HEILIGE SCHRIFT
een of meer lezingen (met liederen) uit de heilige Schrift
prediking
psalm of gezang
(IN)ZEGENING
trouwgebed (orde IV, resp. III) of inleiding (orde V, resp. IV)
persoonlijke verantwoording
toezegging of vragen
ringwisseling
zegen onder handoplegging
psalm of gezang
overhandiging trouwkaars
overhandiging huisbijbel
DE MAALTIJD VAN DE HEER – A
voorbede en stil gebed
nodiging en vredegroet
inzameling van de gaven
gebed over de gaven
tafelgebed
sanctus/benedictus
gebed des Heren
gemeenschap van brood en wijn
gebed na de Maaltijd
slotlied
ZENDING EN ZEGEN
Gang door de orden
Opgang: persoonlijke voorbereiding
De trouwdienst begint in zekere zin al thuis. Dit is de dag waarop in een dienst de zegen over het paar zal worden uitgesproken. De beide partners kunnen zich daar persoonlijk op voorbereiden. Men kan Gods hulp en de blijdschap van de Geest op deze dag vragen en voorbede doen voor de partner.
Intrede
De ambtsdragers heten het trouwpaar welkom bij de ingang van de kerk. Waar dat mogelijk is, luidt de kerkklok. Als de voorganger gewoon is een stola te dragen, is de liturgische kleur wit. Ook de kleur van de antependia zijn op deze feestelijke dag wit. Voorafgaand aan de dienst klinkt orgelspel of andere muziek. Bij binnenkomst van de ambtsdragers en het trouwpaar gaan allen staan. Het paar neemt plaats op de stoelen die voor hen gereed staan, de voorganger gaat achter de tafel staan.
De gemeenschap van kerkgangers is in de doordeweekse trouwdienst weliswaar een andere dan die op zondag, toch is altijd en overal de eredienst van christenen een ‘openbare eredienst’. De aanwezigen worden uitgenodigd om te vieren hoe deze twee hun leven willen stellen in het licht van Gods liefde en trouw. Het inleidend woord zal ervan getuigen dat de voorganger zich bewust is van de achtergrond van de kerkgangers. In de keuzeteksten is een welkomsttekst opgenomen, die bruikbaar is als het trouwpaar niet tot dezelfde kerk behoort. Wanneer een pastor van (deze/een) andere kerk als medevoorganger aanwezig is, wordt deze eveneens welkom geheten. Het zal in ieder geval duidelijk worden dat in deze dienst niet zozeer het trouwpaar in het middelpunt van de belangstelling staat, maar dat juist zij gevraagd hebben om op deze dag voor Gods aangezicht te komen, Hem te danken, naar zijn Woord te horen, en te bidden om zijn zegen. Het te zingen lied zal dan ook een typisch openingslied zijn, dat deze facetten bezingt.
Na intrede, inleidend woord en openingslied kan de verdere voorbereiding eenvoudig zijn of juist uitgebreid. Eenvoudig is de keuze voor een enkel gebed: het gebed van de dag of een gebed om verlichting met de heilige Geest. Uitgebreider is de keuze voor Kyrie en Gloria of verootmoediging en lofverheffing. De keuze die men hier maakt, wordt mede bepaald door de vraag of de dienst uitloopt op de viering van de Maaltijd van de Heer.
De heilige Schrift
Voorganger en trouwpaar hebben voor de lezingen de vrije keuze uit de heilige Schrift. Als hulp hierbij is in dit dienstboek onder ‘Schriftlezingen’ een aantal clusters van lezingen (met antwoordpsalmen) opgenomen. Deze clusters zijn gegroepeerd rond de kernwoorden vrede, liefde, trouw, verbond, die het bijbels fundament onder de orden vormen.
Prediking
In de prediking worden woorden uitgesproken, die in dienst staan van het Woord van God. De preek is als toespraak, overweging, uitleg en verkondiging een onderdeel van het grote geheel van de kerkdienst. Bij een trouwdienst zal duidelijk zijn dat die woorden worden toegepast op déze hoorders.
De preek heeft hier uiteraard een ander karakter dan in de zondagse eredienst. In de woorden van de Schrift wil God mensen ontmoeten. Die woorden vertellen hoe ooit mensen in hun omstandigheden God hebben ontmoet; de overgeleverde bijbelteksten zijn daarvan het verslag. De prediker staat voor de vraag hoe de godsontmoeting van ergens en ooit kan worden tot een godsontmoeting van hier en nu. Dit geldt voor elke prediking, maar is zeker in de trouwviering een uitdaging en een kans. Het trouwpaar heeft immers uitgesproken elkaar blijvend te willen ontmoeten en vraagt nu over dat verbond Gods zegen.
De toepassing op de situatie van het trouwpaar als eerste hoorders van de preek is met de trouwdienst gegeven. Daar is niets op tegen, mits de situatie van het paar zelf niet de inhoud van de preek wordt: het woord van de Schrift kleurt de rite en de casus, niet omgekeerd! Ook in een trouwviering is de preek openbare verkondiging. Het Woord van God doortrekt immers het leven van alle betrokkenen en verbindt hen met de openbaarheid van de samenleving. Om die reden kan een trouwpreek (en een trouwdienst) nooit een familiair onderonsje worden: deze is altijd een dienst van de Heer van de kerk aan het trouwpaar, de gemeente en de samenleving.
In vorm, lengte en woordgebruik zal bewust rekening gehouden worden met de mogelijkheid dat een deel van de kerkgangers niet vertrouwd is met het christelijk geloof, met bijbelse uitdrukkingen en verbanden. Overigens beperkt de verkondiging zich niet tot de prediking, maar zijn ook liederen, gebeden en inleidingen vormen van verkondiging van Gods Woord.
(In)zegening
Zoals is zichtbaar gemaakt in het schema hierboven, worden in dit dienstboek verschillende vormen aangeboden, waarmee de (in)zegening van het paar kan worden ingeleid. Men heeft de keuze uit trouwgebeden (inzegening van een huwelijk, orden I en IV; zegening van andere levensverbintenissen, orden I en III), inleidingen (inzegening van een huwelijk, orden II en V; zegening van andere levensverbintenissen, orden II en IV) en formulieren (inzegening van het huwelijk: vernieuwd liturgisch formulier uit de gereformeerde traditie (orde III) en hertaald liturgisch formulier uit de gereformeerde traditie (opgenomen na orde V).
Zowel in de trouwgebeden als in de inleidingen die het karakter van een onderwijzing hebben, en in de formulieren komen de bijbelse kernwoorden aan de orde. Waar men meent dat deze bijbelse lijnen in de prediking en eventueel bij de viering van de Maaltijd van de Heer voldoende uiteengezet zijn, kan men een trouwgebed of inleiding achterwege laten en direct na het lied dat volgt op de preek overgaan tot de vragen/geloften.
Hoezeer de trouwgebeden en inleidingen ook verschillen in taal en pastorale benadering van een trouwverbond, zij zijn alle gegrond op een aantal theologisch-liturgische uitgangspunten: ze zijn trinitarisch (gedenken de grote daden van God de Vader, de Zoon en de heilige Geest), hebben de bijbelse kernwoorden ‘vrede’, ‘liefde’, ‘trouw’, ‘verbond’ als grondslag, en bedoelen het trouwverbond van twee mensen in te voegen in het geheel van de kerk en de samenleving.
Persoonlijke verantwoording
Het trouwpaar kan de behoefte voelen in de dienst een persoonlijk geluid te laten horen. Deze rubriek geeft daartoe de mogelijkheid: een zelfgekozen gedicht, een getuigenis, een dankwoord aan God, zijn gemeente, de ouders en alle mensen die hen tot dit moment omringden, kan hiervan een onderdeel zijn.
Toezegging of vragen
Het trouwpaar gaat staan en geeft elkaar de rechterhand. Dit is een oud gebaar dat stamt uit voorchristelijke tijden en oorspronkelijk uitdrukking gaf aan de eigenlijke huwelijkssluiting. In de kerk is het een lichamelijke uitdrukking van verbondenheid en bezegeling van de gelofte die nu wordt afgelegd.
Er worden twee vormen van geloften aangereikt. Waar men kiest voor de toezegging, nemen de beide partners achtereenvolgens zelf het woord om – terwijl ze elkaar aankijken – tegen de ander te zeggen wat men gelooft en belooft. Kiest men voor de vragende vorm, dan stelt de voorganger de beide partners achtereenvolgens de vragen.
In de keuzeteksten vindt men alternatieven die wat betreft hun inhoud verschillen. In orde III (vernieuwd liturgisch formulier uit de gereformeerde traditie) zijn de toezegging van en vragen aan de man anders geformuleerd dan voor zijn vrouw. Aangezien sommigen moeite hebben met de formulering ‘tot de dood ons scheidt’ (in alle andere orden), kan als alternatief de bewoording ‘ons leven lang’ klinken. De voorganger besluit de toezegging of vragen met de vraag naar de verantwoordelijkheid voor elkaar en voor degenen die aan het paar worden toevertrouwd. Hierbij kan men denken aan kinderen, die uit dit trouwverbond voortkomen, maar ook breder: aan alle mensen die de Heer op hun weg brengt.
Ringwisseling
De ringwisseling maakt onderdeel uit van de huwelijkssluiting die op het stadhuis plaatsvindt (zie ook de inleiding). Wanneer de ringwisseling daar niet heeft plaatsgevonden, kan deze alsnog in de kerk geschieden.
Gebed, trouwzegen en lied
Na de toezegging of vragen (eventueel na de ringwisseling) knielen de gehuwden op de daartoe gereedstaande knielbank.
In de orden waarin voorafgaand aan toezegging of vragen reeds een gedenkend en lofprijzend trouwgebed is uitgesproken, vindt hier geen gebed plaats (inzegening van het huwelijk, orden I en IV; zegening van andere levensverbintenissen, orden I en III). In de orden waar aan vragen of toezegging een ‘lerende’ inleiding voorafgaat, volgt nu het trouwgebed. Kern hiervan is de bede om de heilige Geest en zijn gaven.
Na het gebed legt de voorganger het paar de handen op en spreekt de zegen uit. Ook hiervoor zijn verschillende bewoordingen opgenomen, die doorgaans het karakter hebben van een belofte, soms meer van een bede. Terwijl het paar geknield blijft, gaan de andere aanwezigen staan en zingen een lied. Dit lied draagt het karakter van een acclamatie, de instemming van alle aanwezigen. Hierna gaat het trouwpaar staan, de gemeente gaat zitten.
Trouwkaars
Het trouwpaar kan uit handen van een diaken of een andere betrokkene een trouwkaars aangereikt krijgen. Het paar ontsteekt deze aan de paaskaars, het licht van Christus. Ieder jaar dat zij hun trouwdag gedenken, kan deze trouwkaars thuis branden.
Huisbijbel
Uit handen van de ouderling van dienst ontvangt het trouwpaar een huisbijbel. Ook de kleinste kern van de gemeente van de Heer, die het paar nu vormt, zal gevoed worden door de woorden uit de Schrift. De ouderling kan bij de overhandiging een kort, persoonlijk woord spreken. Daarvoor worden in de orden en bij de keuzeteksten suggesties aangereikt. De kern van de boodschap bij de overhandiging is niet ‘een cadeautje van de gemeente’, maar veeleer wat de psalmist al zingt: ‘Uw Woord is een lamp voor mijn voet, een licht op mijn pad’ (Psalm 119: 105).
Gebeden en gaven
Na de (in)zegening van het trouwverbond vervolgt de dienst met dezelfde onderdelen als op zon- en feestdagen. Een toelichting daarop is te vinden in Dienstboek – deel I – Schrift, Maaltijd, Gebed, blz. 876-882. De inhoud van de hier opgenomen voorbeelden van dankzegging en voorbede is bepaald door de vier kernwoorden die de bijbelse grondtoon zijn van alle orden. De vorm kan in zoverre afwijken dat een aantal voor het trouwpaar belangrijke mensen actief kan meewerken in de dienst. Ouders, getuigen, vrienden en het trouwpaar zelf kunnen participeren in dankzegging en voorbede.
Inzameling van de gaven
In iedere kerkdienst worden gaven ingezameld ten behoeve van de diaconie, de christelijke dienst van barmhartigheid en gerechtigheid in de (wijde) wereld. In een trouwdienst zal het in vele gevallen, na overleg met de diaconie, mogelijk zijn (een deel van) de collecte te bestemmen voor een doel dat het trouwpaar zelf heeft gekozen. De inzameling vindt gewoonlijk plaats in het kader van gebeden en gaven. In een dienst van Schrift, zegen en gebed is het ook mogelijk een collecte bij de uitgang te houden.
Waar de dienst niet vervolgd wordt met de viering van de Maaltijd van de Heer, volgen nu slotlied, zending en zegen.
Maaltijd van de Heer
Vrijwel alle tafelgebeden uit Dienstboek – deel I kunnen ook in een trouwdienst gebruikt worden. Een criterium daarbij is de periode in het liturgisch jaar waarin de trouwviering plaatsvindt. Duidelijk is dat er ook dagen zijn waarop een trouwviering zich moeilijk laat combineren met de gedachtenis van het lijden van Jezus Christus, zoals in de Stille Week die aan Pasen voorafgaat. De tafelgebeden die in dit deel van het dienstboek worden voorgesteld bij de trouwviering, kennen bewoordingen en bijbelse beelden die nog meer dan de andere gebeden verwijzen naar het grote Bruiloftsmaal van de Heer.
Om onduidelijkheid te voorkomen bij de nodiging aan de tafel wordt in een trouwviering waarin vaak ook mensen aanwezig zijn uit andere kerken of levensbeschouwelijke tradities, zal men bij voorkeur gebruik maken van een duidelijke nodiging. Deze vindt men in Dienstboek – deel I, blz. 807-808. Na de viering van de Maaltijd van de Heer volgen slotlied, zending en zegen.
Wie spelen een rol in de trouwdienst?
Trouwpaar, ambtsdragers en gemeente kunnen in de trouwviering hun eigen rol vervullen.
De beide partners van het trouwpaar spreken de trouwgeloften uit of beantwoorden de vragen; zij kunnen een persoonlijk getuigenis geven en eventueel elkaar een ring omdoen; knielen voor het trouwgebed en de zegen; een trouwkaars en een huisbijbel ontvangen en meedoen in de voorbeden.
Familie en vrienden van het paar kunnen de Schrift lezen; meedoen in de voorbede; ringen en huisbijbel binnendragen en musiceren.
De predikant, voorganger en gastheer/-vrouw namens de Heer der Kerk, verzorgt de prediking; geeft leiding aan de gebeden; stelt de trouwvragen; zegent het trouwpaar en gaat voor aan de tafel van de Heer.
De ouderling heet aan de kerkdeur het trouwpaar mede welkom; gaat voor in het consistoriegebed; kan de huisbijbel uitreiken met een kort persoonlijk woord.
De diaken heet aan de kerkdeur het trouwpaar mede welkom; kan het kyriegebed bidden; kan de trouwkaars uitreiken; verzorgt de inzameling der gaven (collecte, brood en wijn); is mede betrokken bij de uitreiking van brood en wijn.
De kerkmusicus geeft leiding aan het muzikale deel van de dienst.
Als één van beiden geen christen is
In dit dienstboek zijn ook enkele teksten opgenomen voor een trouwverbond waarin één van beide partners geen christen is. Deze dienst, die eveneens gehouden wordt onder verantwoordelijkheid van een kerkenraad, kan zowel in de kerk als in een andere geschikte ruimte plaatsvinden. Aangezien trouwvragen in de kerk geen wettelijke betekenis hebben, zijn zij wel vol betekenis, maar niet noodzakelijk. Er zullen geen vragen gesteld worden (of geloften afgelegd), die de niet-christelijke partner in verlegenheid brengen. Ook een zegen, waarbij het paar geknield is, is niet noodzakelijk.
Pastorale wijsheid en liturgische creativiteit zijn hier zeker nodig. Zo is het de vraag of en wat er gezongen of gemusiceerd wordt. In ieder geval wordt er uit de heilige Schrift gelezen en gebeden en klinken de kernwoorden van de christelijke visie op een trouwverbond: liefde, trouw, verbond en vrede.
Wanneer de gemeente gewoon is huwelijken en andere levensverbintenissen te registeren, zal ook dit trouwverbond in de registers worden opgenomen.
Trouwvieren in de zondagse eredienst
Er is veel voor te zeggen de (in)zegening van een verbond van liefde en trouw te laten plaatsvinden in de zondagse eredienst van de gemeente. De kernmomenten van de trouwviering ‘Schrift, zegen en gebed’ of ‘Schrift, zegen en Maaltijd van de Heer’ verschillen immers niet van de kernmomenten van de eredienst op zondagmorgen. De trouwviering in de zondagse eredienst heeft bovendien oude papieren. Van de tijd na de Reformatie is bekend dat een aparte, doordeweekse trouwviering alleen door gegoede burgers gevraagd werd en eenvoudigen hun huwelijk op zondag lieten bevestigen. Voor de trouwviering is dus op zich geen aparte dienst nodig. Trouwvieren op zondag zal dan ook in iedere protestantse gemeente tot de mogelijkheden behoren.
In de zondagse samenkomst van de gemeente kan de voorbede voor gehuwden eenvoudigweg worden gevoegd bij alle andere voorbeden, zoals het slagen voor een examen, de vreugde over een genezing of de angst voor dreigende gebeurtenissen. De plaats van de (in)zegening in de orde van de zondagmorgendienst ligt voor de hand: na de dienst van de Schrift (na prediking en lied), voorafgaand aan de gebeden. Met gebruikmaking van een trouwgebed of een onderwijzing, de trouwgeloften of vragen en de trouwzegen, kan deze rubriek als een korte, maar volwaardige (in)zegening beschouwd worden.
Het spreekt voor zich dat het karakter van een trouwdienst op zondag bescheidener van aard is dan een aparte dienst doordeweeks. Het paar met familie en vrienden wordt niet aan de kerkdeur verwelkomd; de intocht heeft een ander karakter doordat het paar zich voegt bij de binnentredende ambtsdragers; ook de kleding van het trouwpaar en hun gevolg zal minder uitbundig zijn. Zij zijn immers op zondag vooral kerkgangers.
Het karakter van de dienst (in het bijzonder van de prediking) zal dus ook minder op het trouwpaar gericht zijn dan in een aparte trouwdienst. In feite doet het paar alleen bij de voorbede, vragen of geloften en de zegening een stapje naar voren. Daarna nemen zij gewoon hun plaats in de kerk weer in.
Bij de gedenkdag van een huwelijk of andere levensverbintenis
Er kan behoefte bestaan de gedenkdag van een huwelijk of andere levensverbintenis te vieren, zeker in het geval van een jubileum. Dit gedenken kan geschieden te midden van de gemeente van Christus, in de samenkomst op zondagmorgen. Dan zullen in het kader van de gebeden dankzegging en voorbede klinken.
Het is ook mogelijk dat het jubilerend paar de kerkenraad vraagt om een kerkdienst op een doordeweekse dag, waarop zij samen met wie hen lief zijn het jubileum kunnen gedenken. Kerkenraad en wijkpredikant (of predikant naar keuze van het paar) zullen een dergelijk verzoek graag inwilligen.
De orde van deze dienst is een gebedsdienst. Daarin kan in principe iedere christen voorgaan. Als de zegen gegeven wordt, zal de voorganger een door de kerk bevoegde predikant zijn. De belangrijkste onderdelen van een gebedsdienst zijn psalmgebed, dankgebed en voorbede. Aan deze eenvoudige structuur kunnen elementen worden toegevoegd, waardoor men naar eigen inzicht en creativiteit de dienst verder kan ‘uitbouwen’. Hieronder volgen enkele elementen ter suggestie:
Lezing(en) uit de heilige Schrift. Men kan gebruik maken van de schriftlezingen die in dit dienstboek voor de trouwviering worden aangereikt. Het is ook mogelijk de lezingen en de trouwtekst van weleer te nemen.
Een korte overweging door de voorganger, voor of na de lezing(en) uit de heilige Schrift.
Vocale of instrumentale muziek. Aangezien veel liederen in feite gezongen gebeden zijn, kunnen deze hier royaal een plaats hebben.
Een persoonlijke gedachtenis onderweg. Het trouwpaar of andere aanwezigen kunnen woorden spreken of een gedicht lezen, waarin men persoonlijk uiting geeft aan gevoelens en/of stilstaat bij gebeurtenissen van de afgelopen jaren. Vreugde en verdriet, rijkdom en gemis van geliefden kunnen hier hun plaats krijgen.
Een inleiding waarin de kerk uiteenzet wat de christelijk visie is op een verbond van liefde en trouw. De bijbelse kernwoorden zijn ook hier: verbond, liefde, trouw en vrede.
Vernieuwing van de trouwgelofte. Juist na vele jaren, eventueel omringd door kinderen en kleinkinderen, kan er behoefte zijn om elkaar (opnieuw) liefde en trouw toe te zeggen.
De trouwzegen. Er is vanuit liturgisch oogpunt geen reden om te stellen dat een trouwzegen slechts eenmalig is (immers ook de gemeente van Christus wordt iedere zondag gezegend). Het jubilerend paar kan hierbij, eventueel omringd door kinderen en kleinkinderen, knielen.
De trouwkaars. Als destijds op de trouwdag een trouwkaars overhandigd is, zal deze in de jubileumdienst op enig moment worden ontstoken aan de paaskaars. Wanneer het paar geen trouwkaars heeft ontvangen, kan de ouderling of voorganger nu een trouwkaars overhandigen.
Ten slotte zij opgemerkt dat men deze orde ook kan gebruiken wanneer een echtpaar na een tijd van verwijdering behoefte voelt om hun trouwverbond opnieuw te laten zegenen.