Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Dienstboek

Uitvaart Orde I

Bewerk hoofdstuk Split hoofdstuk

Uitvaart

Orde I – Gebedsdienst

 

IN KERK OF AULA

 

Allen staan terwijl de gestorvene wordt binnengedragen

Kaarsen kunnen worden aangestoken

 

BEMOEDIGING

Onze hulp is in de naam van de Heer,

die hemel en aarde gemaakt heeft, Ps. 124:8

[die trouw houdt tot in eeuwigheid Ps. 146:6

en niet laat varen het werk van zijn handen. Ps. 138:8]

 

INLEIDEND WOORD

De voorganger spreekt deze (of andere bij de situatie passende) woorden

De dood van onze N heeft ons hier bijeengebracht.

Wij willen haar/zijn naam gedenken voor Gods aangezicht

en bidden om troost en kracht.

 

PSALM of GEZANG

Liedsuggesties blz. 987-1000

 

Allen zitten

 

GEBED

Laat ons bidden.

… gebedsstilte ….

Heer God, Gij gunt ons het licht in onze ogen,

Gij hebt onze geboorte gewild.

Niet voor het duister hebt Gij ons gemaakt,

maar om te leven naar U toe.

Maar wees dan ook barmhartig

en neem ons bij de hand;

keer ons ten goede, ten leven,

vandaag en in eeuwigheid.

Amen.

Keuzeteksten 45-49

GEDACHTENIS

Er is hier de mogelijkheid om nabestaanden - bijvoorbeeld uit de familiekring, vriendenkring of de werkomgeving van de gestorvene – het woord te geven. Hun gedachtenis van de gestorvene kan worden afgewisseld met het aansteken van een kaars, het zingen van een lied of instrumentale muziek. Als er niemand spreekt, kan de voorganger hier zelf een woord van gedachtenis spreken.

Wij willen N gedenken, wie zij/hij was, hoe zij/hij leefde –

daartoe geef ik N [en N] nu het woord.

Hun spreken wisselen wij af met het zingen van …

 

SCHRIFTLEZING

naar keuze; bij uitvaart van een kind: 2 Koningen 4:8-37; Jesaja 25:6-

12; 40:1-11,25-31; 43:1-3(8); 49:15,16; Jeremia 1:4-8; 31:15-17; Matteüs 11:25-30; Marcus 5:21-43; 10:13-16; Johannes 6:35,37-40; 10:27-40; Romeinen 6:1-11; 8:18,35-39; Efeziërs 3:14-19; Openbaring 21:1-7

 

[PSALM of GEZANG]

Liedsuggesties blz. 987-1000

 

OVERDENKING

 

PSALM of GEZANG

Liedsuggesties blz. 987-1000

 

DANKZEGGING EN VOORBEDE

Keuzeteksten 50-53

 

STIL GEBED, eventueel besloten met

God, die blijkens de kracht die in ons werkt

bij machte zijt meer dan overvloedig te doen

boven al wat wij vragen of denken –

U zij de heerlijkheid

in de gemeente en in Christus Jezus,

tot in alle geslachten

in de eeuwen der eeuwen.

Amen.

Keuzeteksten 54-58

 

UITGELEIDE

Allen staan, de voorganger staat bij het voeteneinde

Almachtige en barmhartige God,

uit U, door U en tot U zijn alle dingen,

en al onze wegen zijn U bekend.

Sta ons bij, bidden wij U,

op de weg die wij nu gaan.

Begeleid ons met uw troost

nu wij dit mensenkind uitdragen.

Geef ons vertrouwen in uw goedheid,

dat wij haar/hem geborgen weten

in uw genade

en houd ons vast

omwille van uw geliefde Zoon,

die gekruisigd is en opgestaan

tot ons eeuwig heil.

Amen.

of (de voorganger tekent de gestorvene met doopwater)

Ten teken van onze hoop

dat God aan deze mens

een nieuw en onsterfelijk lichaam zal geven,

en om te getuigen

van ons geloof in de verrijzenis,

zegen + ik dit dode lichaam

in de naam van de Vader en de Zoon

en de heilige Geest.

Keuzeteksten 62-67

Laat ons nu van hier gaan

om onze ontslapen zuster/broeder

weg te dragen (naar haar/zijn graf).

Wij geven N uit handen

en leggen haar/hem

in handen van de levende God.

Moge onze gebeden haar/hem begeleiden.

 

PSALM of GEZANG

Liedsuggesties blz. 987-1000

Tijdens dit lied wordt de gestorvene uitgedragen

De klok luidt

 

 

OP DE BEGRAAFPLAATS OF IN HET CREMATORIUM

 

[GELOOFSBELIJDENIS]

Nu het leven van N ten einde is,

vertrouwen wij haar/hem toe

aan God, onze Vader,

bij Wie de bron van leven is, Ps. 36:10a

en de gedachtenis der namen.

of (bij begrafenis)

Nu voor N de dagen van haar/zijn jaren zijn vervuld,

vertrouwen wij haar/zijn lichaam toe

aan de schoot van de aarde,

en gedenken wij het woord

dat tot de mens gesproken is:

‘Stof zijt gij en tot stof zult ge weerkeren.’

Maar voor Christus ligt het dodenrijk open.

Hij spreekt:

‘Ik ben de opstanding en het leven.’ Joh. 11:25

Hij heeft de sleutels

van de dood en het dodenrijk. Opb. 1:18

 

Bij het neerlaten van de kist (dit kan ook geschieden tijdens het gebed des Heren)

Wij leggen nu het lichaam van N in de aarde

als zaad dat gezaaid wordt voor de oogst.

Keuzeteksten 68

of (bij crematie)

Haar/zijn lichaam geven we over om tot as te worden.

Keuzeteksten 69

Deze mens hebben wij van God ontvangen,

deze mens geven wij aan God terug

in het vertrouwen op Jezus, onze Heer,

die gezegd heeft:

‘Wie in Mij gelooft zal leven,

ook wanneer hij sterft.’ Joh. 11:25

Niemand leeft voor zichzelf.

Niemand sterft voor zichzelf.

Wij leven en sterven

voor God onze Heer,

aan Hem behoren wij toe. naar Rom. 14:7-8

 

GEBED DES HEREN

ZENDING EN ZEGEN

Laten wij dan gaan

in de vrede van de Heer,

zijn dag tegemoet.

 

De HEER zegene u en Hij behoede u,

De HEER doe zijn aangezicht over u lichten

en zij u genadig,

De HEER verheffe zijn aangezicht over u

en geve u vrede.

Amen.

of

 

De genade van onze Heer Jezus Christus

en de liefde van God

en de gemeenschap van de heilige Geest

zij met u allen.

Amen.

of

 

Zegene u de almachtige en barmhartige God,

Vader, Zoon en heilige Geest.

Amen.

of

 

Zegene en behoede ons

de almachtige en barmhartige Heer,

Vader, Zoon en heilige Geest.

Amen.