Uitvaart
Uitvaart
UITVAARTDIENST
Gebed van toenadering
43.Heer God, Gij gunt ons het licht van onze ogen,
Gij hebt onze geboorte gewild,
niet voor het duister hebt Gij ons gemaakt,
maar om te leven naar U toe.
Maar wees dan ook barmhartig
en neem ons bij de hand;
keer ons ten goede, ten leven
vandaag en in eeuwigheid.
Amen.
44.Laten wij onze schuld belijden
in vertrouwen op Gods barmhartigheid.
Voor U belijden wij,
almachtige God,
voor heel uw kerk
en voor elkaar,
dat wij gezondigd hebben,
in gedachte, woord en daad,
in het kwade dat wij gedaan hebben
en in het goede dat wij hebben nagelaten.
… gebedsstilte …
Ontferm U over ons,
vergeef ons onze zonden
en geef dat wij U mogen dienen.
Vernieuw daartoe ons leven
door Christus, onze Heer.
De almachtige en barmhartige God zij ons genadig,
vergeve ons onze zonden,
en geleide ons tot eeuwig leven.
Amen.
Gebed van de dag
45.Wanneer Gij ons hier bijeenvindt, Heer onze God,
dan weet Gij dat wij zijn samengekomen
om U de naam in gedachtenis te brengen
van onze zuster/broeder N,
die door de dood onbereikbaar is geworden voor ons,
weggevallen uit ons leven, uit ons midden,
zodat wij een lege plaats hebben aan onze zijde,
gevuld met onze rouw en ons verdriet.
Daarom beroepen wij ons op uw heilige Naam
de enige, de onuitsprekelijke,
waarin alle namen zijn opgenomen
van uw mensenkinderen.
Gij hebt ons in de rij gezet
met Abraham, Izaak en Jakob,
met Sara, Rebekka en Rachel,
omdat Gij een God zijt van levenden
en niet van doden, want voor U leven zij allen. Lc. 20:38
Gij hebt ons in één adem genoemd
met Jezus Christus, uw lieve Zoon,
die uit de doden is opgestaan
als de eerstgeborene onder velen.
Aan Hem houden wij ons vast
en wij vertrouwen ons toe aan de kracht
waarmee Hij ook alle dingen kan vernieuwen
en waardoor Hij ons vernederd lichaam veranderen zal,
om het aan zijn verheerlijkt lichaam gelijk te maken
op de dag van zijn verschijning.
Zo bidden wij U vandaag
en alle dagen van ons leven
door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
46.God, die ons leven omvat
en begaan bent met al wat leeft,
buig U over naar ons toe,
want ons vertrouwen is geschokt,
ons geloof schiet tekort.
Richt ons op, bemoedig ons
dat wij in alle vertwijfeling en verdriet
elkaar vasthouden
en een weg vinden
in de doolhof van het gemis.
Wees bij ons deze dag,
nu wij doen wat gedaan moet:
iemand die ons zo lief is loslaten –
dat wij het volbrengen.
Amen.
47.Heer onze God, wij komen tot U en ons hart is verdeeld:
wij geloven in uw macht over dood en leven
en wij zijn verslagen over wat de dood teweegbracht;
wij zijn dankbaar voor wat ons gegeven is
en wij zijn verbijsterd om wat ons is ontnomen;
wij willen aanvaarden wat ons overkwam
en wij zijn opstandig
tegen wat inbreuk maakt op ons geluk.
Wij roepen U aan, Heer onze God:
houd ons vast, richt ons op, voeg ons hart tezamen
in de gedachtenis van uw goedheid,
in de verwachting van uw toekomst –
dat bidden wij in de naam van Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
48.Vader, vol van genade,
hoor onze gebeden en troost ons.
Vernieuw ons vertrouwen in uw Zoon
die U hebt opgewekt uit de doden.
Sterk ons geloof dat N,
geborgen in de liefde van Christus,
zal delen in zijn opstanding.
Hij, die leeft en regeert met U,
nu en in de eeuwen der eeuwen.
Amen.
49.God, onze Vader,
zie genadig naar ons om,
kom ons te hulp met uw heilige Geest,
dat die ons leidt op de weg der waarheid.
Open onze mond opdat wij uw lof verkondigen,
bereid ons hart om het te richten op U.
Versterk ons geloof,
verlicht ons verstand,
breng ons tot de kennis van uw Naam,
totdat wij, met hen die ons zijn voorgegaan,
het ‘Heilig’ zingen
en in het eeuwige licht
uw aangezicht aanschouwen mogen.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
Voorbede
50.Voor alle mensen
die gebukt gaan
onder zware lasten,
bidden wij U, o God.
Voor allen
die de toon van de lofzang
niet meer kunnen vinden
omdat zorg en verdriet
hen naar de keel grijpt.
Voor allen
die hun dagen doorbrengen
in vreugdeloosheid
en voor wie de nacht
geen rust en ontspanning brengt,
maar slapeloze uren
vol pijn en angst.
Voor allen
bij wie de herinneringen schrijnen
als pijnlijke wonden
en bij wie de vooruitzichten alleen maar zorgen wekken.
Voor allen
die ten onder gaan
aan hun eenzaamheid en vertwijfeling,
voor wie de dagen zijn als nachten
en de nachten als een donkere hel.
O God, strek over hen uit
de vleugels van uw zorg en ontferming,
laat in hun duisternis
een straal binnenvallen
van het licht van uw nabijheid,
een glimp van de zonnigheid
van de dag van uw toekomst.
Amen.
51.Wij bidden U voor onszelf
die door de dood van zoveel mensen
worden aangevochten en beproefd
dat wij het verdriet niet koesteren,
dat het ons niet verstikt en eenzaam maakt.
Geef dat wij ons opnieuw
durven toevertrouwen aan dit leven.
Wij bidden
U voor hen die blindelings verder gaan;
en hun verdriet
niet kunnen verwerken;
dat zij, om Uwentwil en omwille van hun dode,
worden opgericht uit hun vertwijfeling;
dat er voor hen een mens zal zijn
die zwijgen, troosten en meedragen kan.
Wij bidden U
voor allen die leven moeten
met een lege plaats aan hun zijde,
voor hen die treuren
om een kind dat zij moesten verliezen,
om een vriend die wegviel uit hun kring,
om een gemis dat niet te noemen is.
Wij bidden U
voor allen die door ziekte
van hun omgeving afgesloten zijn
en teruggeworpen op zichzelf.
En voor wie leven in conflict met anderen
en geen oplossing weten,
voor hen die zich niet kunnen uitspreken,
die moeten zwijgen en alleen staan.
En voor allen die ontmoedigd zijn
door de hardheid van de mensen;
dat zij het levenslicht toch niet gaan haten,
dat zij het kwaad niet sterker achten dan het goede,
maar zonder verbittering
hun hart geopend houden
in hoop en verwachting
En voor hen die sterven en niet worden betreurd,
zoals men niet treurt om een steen langs de weg;
en voor allen die zijn zoek geraakt
in oorlog en gevangenschap,
voor hen die zelfmoord pleegden,
voor allen die ten dode toe vereenzaamd zijn:
dat Gij hen horen zult
en in uw hart bewaren.
Amen.
52.Schepper der wereld,
Gij geeft aan ons mensen het leven
en Gij neemt het weer tot U.
Voor ons is het verborgen
in het duister van de dood,
maar eens zult Gij het
vernieuwd en rein
aan het licht brengen.
Zie ons aan en hoor ons,
wij die hier bijeen zijn,
omdat N van ons is heengegaan.
Geef uw vrede
over onze schrik en bedroefdheid.
Omgeef al onze gedachten
over N en over onszelf
met uw erbarmen.
Maak ons bewust
van onze eigen sterfelijkheid,
en doe ons dankbaar leven
uit de hoop die niet beschaamd wordt.
Dat alles bidden wij U
in de naam van Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
53.Lieve Here God,
wij die hier bijeen zijn,
wij houden ons hart vast,
omdat het uur van scheiden gekomen is.
Onze levensgezel N,
onze metgezel, die een naaste voor ons was,
is weggeroepen uit dit leven,
en wij, haar/zijn familie/vrienden/…,
wij willen haar/zijn naam gedenken
en haar/zijn geest in uw handen bevelen.
Voor uw aangezicht gedenken wij dit leven
en haar/zijn geschiedenis;
het leven van N, dat is voorbijgegaan
met alles wat daarin menselijk was:
het goede en het kwade,
de vreugde en het verdriet,
het welgevallen en de pijn,
alles wat sinds mensenheugenis
het deel is van stervelingen.
Neem Gij dan het leven aan
van onze geliefde dode
en wek in onze harten
de dankbaarheid voor uw goedheid en trouw,
die onvergankelijk zijn.
Laat niemand verdwalen
in eigen gedachten,
maar laat uw Woord ons een richtsnoer zijn,
uw liefde ons levenslicht.
Wij weten ons verbonden in ons verdriet
met elkaar en met allen die bedroefd zijn,
met allen die lijden aan de nood van de wereld.
Wij bidden U:
laat geen lijden tevergeefs zijn,
maar leer ons kennen
de gemeenschap met uw Zoon,
zodat wij, delend in zijn lijden,
mogen opstaan tot gerechtigheid en vrede.
Door onze tranen heen
zien wij een nieuwe toekomst
voor al uw schepselen.
Geef ons de kracht van het geloof
om zoals Abraham, de vader aller gelovigen,
daarheen op weg te gaan,
hand in hand met die ons lief zijn,
in de naam van Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
Stil gebed
dit kan besloten worden met één van de volgende gebeden
54.God, die blijkens de kracht die in ons werkt
bij machte zijt meer dan overvloedig te doen
boven al wat wij vragen of denken –
U zij de heerlijkheid
in de gemeente en in Christus Jezus,
tot in alle geslachten
in de eeuwen der eeuwen.
Amen.
55.na zelfdoding
God van dood en leven,
wij bidden U
voor N, die zich aan de dood
gewonnen moest geven,
omdat zij/hij geen weg meer wist
met zichzelf en met het leven.
Gij die aan niemand voorbijziet,
berg haar/zijn aangevochten leven
in de schoot van uw genade
en houd haar/hem zo verbonden
met ons die in verbijstering en onmacht achterblijven.
... gebedsstilte ...
Zo bidden wij U tezamen:
Heer, ontferm U.
56.na zelfdoding
Heer Jezus Christus,
U, die in eenzaamheid en verlatenheid
met de dood gestreden hebt,
wij kunnen de angst niet peilen,
die N tot in de dood gebracht heeft.
Wij weten ons onmachtig
dat wij haar/zijn noden niet konden beantwoorden.
Troost ons
en geef ons de zekerheid
dat U onze pijn op zult nemen
in uw liefde die geen einde heeft.
Amen.
Slotgebed bij voorbede
57.Eeuwige God, onze Schepper en Verlosser,
schenk ons [met N] en allen die in geloof zijn heengegaan,
de betrouwbare genadebewijzen
van het lijden van uw Zoon
en van zijn heerlijke opstanding;
dat op de laatste dag,
wanneer U alle dingen bijeen zult brengen in Christus,
wij ons met hen verheugen mogen
in de volheid van uw beloften.
Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon,
die met U in de eenheid van de heilige Geest
leeft en regeert in de eeuwen der eeuwen.
Amen.
Responsie bij voorbede
58.Gij die onze gedachten raadt,
ons bidden woordeloos verstaat –
als Gij ons niet hoort,
wie dan wel?
Tafelgebed
59.Gezegend, o God, zij uw Naam,
die telkens aan ons doorgegeven is,
door alle eeuwen heen en overal.
Zo veel is ons ontschoten of ontnomen,
verdampt of spoorloos zoekgeraakt
in het zwaar geweld der tijden,
maar met uw Naam bent U nabij gebleven,
met al wat daarin veilig is gesteld,
eens en voorgoed, voor ieder van ons,
door Jezus Christus, onze broeder,
aan wie U de naam gegeven hebt
die boven alle namen uitgaat.
Nederig tot het bittere einde,
heeft Hij een brood genomen, het gebroken,
en gezegd: ‘Dit is mijn lichaam voor u.’
Zo heeft Hij ook de beker genomen en gezegd:
‘Dit is het nieuwe verbond in mijn bloed,
doet dit om Mij te gedenken.’
Gedenk Gij ons, roep ons bij onze namen,
wees hier aanwezig door uw Geest,
tot onze vertroosting en vrede.
Vernieuw het aanschijn van deze aarde,
verenig ons met wie zijn voorgegaan
op de weg van geloof, hoop en liefde.
En behoed in ons het visioen van uw Rijk,
bewaar in ons de hoop op die voltooide tijd,
waarin uw Naam zal zijn: ‘Alles in allen.’
60.Gij die ons voor het licht gemaakt hebt,
dat wij leven,
naar U sta ik op in de morgen,
ik zoek U in de dageraad,
mijn ziel dorst naar U,
mijn vlees verlangt naar U.
Gij die ons voor het licht gemaakt hebt,
Levende, niet god van doden –
en de dood zal niet meer zijn.
Zoals Gij ons hebt toegezegd
in Jezus, uw dienstknecht,
die, licht van licht, geboren, niet gemaakt,
omwille van ons mensen, om ons te bevrijden,
afgedaald is, zoals Gij,
die gekruisigd is voor ons,
geleden heeft en werd begraven,
die op de derde dag verrezen is,
die was en is en komt,
die ons aanspreekt,
ondervraagt, bemoedigt, troost, vermaant,
die ons verschijnt in woorden van genade:
‘hebt elkander lief’.
En het geschiedde
toen hij daar met hen aan tafel was:
hij nam het brood, hij sprak de zegen uit,
hij brak het brood en gaf het hun.
Toen werden hun ogen geopend.
Zijn naam en wat hij heeft gedaan
gedenken wij,
Om ooit te worden wie hij was,
uw mens,
om ooit te komen waar hij is,
bij U.
Dankzegging na de Maaltijd
61.U zeggen wij lof en dank, hemelse Vader,
dat Gij ons de gemeenschap met uw Zoon
geschonken hebt;
en wij bidden U:
laat deze gemeenschap in ons altijd sterk zijn,
opdat wij als nieuwe mensen leven,
U ter eer, onze naaste tot heil.
Amen.
Uitgeleide
62.Eeuwige God,
Gij die de namen van hen
die in Christus geheiligd zijn,
geschreven hebt in de palm van uw hand,
ontvang nu onze zuster/broeder
in het rijk van uw heerlijkheid
en verblijd haar/hem door uw tegenwoordigheid.
Mogen uw heilige engelen haar/hem geleiden
tot de troon van het Lam,
dat zij/hij met apostelen en profeten
en met al uw heiligen
de majesteit van uw Christus mag aanschouwen.
Bekleed haar/hem met de mantel der gerechtigheid
en schenk haar/hem de vrede van uw kinderen
om U, Vader, Zoon en heilige Geest
te loven en te prijzen in eeuwigheid.
Amen.
Geef haar/hem, o Heer, de eeuwige rust,
en het eeuwig licht verlichte haar/hem.
Dat zij/hij ruste in vrede.
Amen.
63.Als teken van het geloof
dat wij in leven en sterven aan God toebehoren
zegen + ik dit dode lichaam:
in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest.
Amen.
Laten wij onze zuster/broeder aanbevelen
in de genade van God, onze Schepper en Verlosser.
… gebedsstilte …
Hemelse Vader,
door uw grote kracht hebt Gij ons het leven geschonken
en in uw liefde worden wij herboren in Jezus Christus.
Wij vertrouwen onze zuster/broeder toe aan uw hoede
door het geloof in Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer,
die stierf en verrees tot ons behoud
en nu leeft en regeert met U
in de eenheid van de heilige Geest in eeuwigheid.
Amen.
Moge God in zijn oneindige liefde en genade
heel de kerk, de levenden en die ontslapen zijn,
in Christus verenigen
in de vreugdevolle opstanding
en de vervulling van zijn eeuwig Koninkrijk.
Amen.
64.bij het uitgeleide van een kind
Hemelse Vader,
Uw Zoon, onze Verlosser,
nam kleine kinderen in zijn armen en zegende hen.
Neem ons kind N. dat maar zo kort leefde,
op in uw altijddurende zorg en liefde.
Troost allen die haar/hem op aarde liefhadden,
en breng ons bijeen in uw hemels koninkrijk.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
65.bij het uitgeleide van een kind
Aan U, lieve Vader,
vertrouwen wij dit kind toe,
dat ons zo dierbaar is.
Neem haar/hem in uw armen,
verwelkom haar/hem in uw tegenwoordigheid
waar geen pijn is en verdriet,
en schenk haar/hem de volheid van uw vrede en vreugde
nu en in de eeuwen der eeuwen.
Amen.
66.bij het uitgeleide van een kind
In uw handen, Heer, onze Schepper en Verlosser,
die ons trouw blijft in uw grote liefde,
bevelen wij ons kind N,
want zij/hij is de uwe
in leven en in sterven.
Neem haar/hem in uw grote barmhartigheid
op in uw groot huis,
voltooi in liefde wat U in haar/hem begonnen bent.
Laat haar/hem spelen en zingen
in het licht van uw tegenwoordigheid
en zich verheugen in het leven
dat U bereid hebt voor allen die U liefhebben.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
67.bij het uitgeleide van een kind
Al moet je nu bij ons vandaan,
toch hoef je niet alleen te gaan:
een engel neemt je bij de hand
en brengt je naar ’t beloofde land.
Dat is het einde van je reis,
dan ben je in het paradijs,
je kunt er spelen in het licht
dat helder straalt van Gods gezicht.
Daar is geen angst, verdriet of pijn,
daar zal voor altijd vrede zijn.
Wij blijven achter met dit lied,
o goede God, vergeet ons niet!
Liedsuggesties blz. 987-1000
Op de begraafplaats
68.Hier staan wij
om afstand te doen
van een beminde.
Hier zaaien wij
het lichaam van een mensenkind
in de aarde
en dekken het toe.
Moge de warmte van Gods liefde
ooit dit leven wekken,
het uitroepen als nieuw.
En wij bidden:
gedenk dit leven, God,
en verzamel de naam
bij de namen van uw getrouwen.
Wij houden voor ogen
Jezus Christus,
de eerste van ons allen,
die nu al
U kent
van aangezicht tot aangezicht.
Hij, eersteling van uw oogst,
groeide het donker te boven
als een belofte voor ons allen.
In Hem leven wij,
in Hem sterven wij.
En één met Hem
bidden ook wij nu samen:
Onze Vader …
Hierna kan de kist in het graf worden neergelaten en schept
ieder beurtelings aarde daarop
Rusten mag dit leven
in de trouw van onze God,
wachten mag het
op de zomer van de oogst.
Laat deze plaats
voor ons blijven
een tuin van gedenken.
Hier zullen wij komen
om de stilte te zoeken,
de namen te lezen
om niet te vergeten
wie ons zijn voorgegaan;
om onze eigen dagen te tellen
en te leven
in het licht van Gods ogen.
In deze dagen
hebben wij Gods nabijheid gezocht,
elkaar kunnen dragen.
Het leven van deze dode
doen wij recht
als wij elkaar niet zullen ontbreken
in de tijd die komt.
Moge God ons bewaren
bij elkaar.
Amen.
In het crematorium
69.Hier vormen wij de kring
van geliefden en vrienden,
die het leven van N
hebben gedeeld.
Hier sluiten wij af
de weg die wij samen met haar/hem gingen.
Hier laten wij los, voorgoed,
het lichaam
dat wij hebben gekend en bemind.
Vergaan zal het tot as,
verwaaien op de adem van de nacht,
maar bestaan zal haar/zijn naam,
voor altijd gekend en bewaard
in de trouw van God.
Ook wij
zullen dit mensenleven
blijven gedenken