Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Dienstboek

Toelichting

Bewerk hoofdstuk Split hoofdstuk

Toelichting

 

Plaats van de reiszegen

Wanneer de reiszegen in de zondagse eredienst plaatsvindt, kan deze voorafgaan aan de voorbede. De ‘wegzending’ aan het eind van de viering, voor de slotzegen, leent zich ook goed voor de reiszegen. De zegen voor de gemeente aan het einde van de kerkdienst wordt zo opnieuw begrepen als een toezegging van Gods nabijheid voor ons allen die onderweg zijn. Vindt de zegening door de week plaats in het kerkgebouw temidden van vrienden, dan zal de orde zelf voldoen. In huiselijke kring is een moment vlak voor vertrek mogelijk, wellicht aansluitend op een gezamenlijke maaltijd.

 

Voorganger

Vertrekt een pelgrim of iemand die wordt uitgezonden vanuit de kring van de gemeente, dan is de predikant de eerst aangewezen persoon om voor te gaan. Een handoplegging als zegengebaar zal de reiziger daarbij sterken. In huiselijke kring, waarbij de door de gemeente aangewezen ambtsdrager niet aanwezig is, kunnen huisgenoten de pelgrim de handen opleggen, of eventueel met een handdruk of omhelzing de zegenwens bekrachtigen.

 

Inleidend woord

Hier zal de aanleiding van de reis en de motivatie van de reiziger onder woorden gebracht worden. Men zal, in het licht van het evangelie, ook wijzen op Christus die ‘de weg’ wordt genoemd en die met zijn leerlingen onderweg is.

 

Reistekst

Te overwegen valt de pelgrim een Schriftwoord mee te geven. Deze kan onderweg op plekken van stilte en bezinning een leidraad zijn om de gedachten te ordenen en zich doel en betekenis van de reis te herinneren. Ook kunnen (lied)teksten uit de ‘orde’ daarvoor dienen, bijvoorbeeld de volledige tekst van de zegen of het reisgebed voor een pelgrim. Een oude gewoonte is om de reiziger een klein broodje aan te reiken, dat samen met het Schriftwoord het geestelijk en lichamelijk noodzakelijke voedsel uitdrukt. Daarnaast kan men ook denken aan een zakbijbeltje of reisicoon.