Keuzeteksten
Keuzeteksten
Voor de maaltijd
zie Dienstboek – een proeve, deel I blz. 1136v.
OPENING
1. Allen zien ernaar uit
dat u brood geeft, op de juiste tijd.
Geeft u het, dan doen zij zich te goed,
opent zich uw hand, dan worden zij verzadigd.
Ps. 104:27-28
2. in de tijd van Advent
Toon ons uw trouw, HEER,
en geef ons uw hulp. Ps. 85:8
3. in de tijd van Kerstmis tot Epifanie
Het Woord is mens geworden, halleluja
en het heeft bij ons gewoond, halleluja. Joh. 1:14
4. in de veertigdagentijd
De mens leeft niet van brood alleen,
maar van ieder woord dat klinkt uit de mond van God.
Mt. 4:4
5. in de paastijd
Dit is de dag die de HEER heeft gemaakt,
laten wij juichen en ons verheugen. Ps. 118:24
6. in de pinkstertijd
Zend uw adem en wij worden geschapen, halleluja.
Zo geeft u de aarde een nieuw gelaat, halleluja.
Ps. 104:30
GEBED
7. Vader in de hemel,
U geeft ons mensen
alles wat wij nodig hebben.
Daarvoor danken wij U.
Wij willen U helpen
uw gaven door te geven,
zodat iedereen genoeg krijgt,
elke dag opnieuw.
Wij danken bovenal
voor uw grootste geschenk:
Jezus Christus,
uw Zoon en onze Heer.
Amen.
8. Heer Jezus Christus,
overal waar Gij zijt,
voedt Gij ons mensen
met het brood van genade
en de wijn van de liefde.
Gij brengt ons samen
op weg naar de beloofde toekomst.
Laat deze kring rond de tafel,
ons eten en ons spreken
een voorsmaak zijn van wat komen zal:
een leven op aarde
in gerechtigheid en vrede.
Amen.
9. O Vader, die al ’t leven voedt,
kroon onze tafel met uw zegen,
en spijs en drenk ons met dit goed,
van uwe milde hand verkregen!
Leer ons voor overdaad ons wachten,
dat w’ons gedragen als ’t behoort;
doe ons het hemelsche betrachten,
sterk onze zielen door uw Woord!
Amen.
10.Zegen mij, goede God,
aan deze tafel.
Gij zijt mijn gast,
ik eet met U mee,
wij zijn niet alleen.
Zegen het brood,
de maaltijd die ik heb bereid.
Dat ik niet het zicht verlies
op wie even stil als ik
aan tafel zit.
Verdrijf Gij de pijn
van de eenzaamheid
en voed mij met
de vreugde
die uw geheim is,
tot verzadiging
van ziel en lichaam.
Amen.
11.Heer, onze God,
van U komt al wat deze tafel biedt:
de vrucht van de aarde,
het werk van onze handen,
de gezelligheid die wij genieten.
Wij danken U voor spijs en drank,
voor ons geluk en onze vreugde.
Gedenk ook in uw goedheid, Vader,
onze zusters en broeders die honger lijden,
ziek of eenzaam zijn.
Wees hen nabij,
laat onze hulp voor hen uw zegen zijn,
door Christus, onze Heer.
Amen.
TAFELZEGEN
12.in de paastijd
Levende God,
zegen ons en deze maaltijd;
doe ons delen
in de opstanding van Jezus,
de Levende,
die de dood heeft overwonnen,
eens en voorgoed,
en om wie wij U danken,
deze dag en alle dagen.
Amen.
13.Gezegend zijt Gij,
Eeuwige, onze God,
Koning van de wereld,
die het brood uit de aarde doet voortkomen.
Gezegend zijt Gij,
Eeuwige, onze God,
Koning van de wereld,
Schepper van de vrucht van de wijnstok.
Amen.
14.Genadige Vader,
Gij hebt ons door uw goedheid
opnieuw de tafel toebereid.
Zegen deze maaltijd,
opdat wij, gesterkt naar lichaam en geest,
ons in uw dienst mogen stellen
en mogen doen wat U behaagt.
Schenk ons de leiding van uw Geest
bij het lezen van uw Woord.
Geef dat wij, die thans hier samen aanzitten,
eenmaal ook deelgenoten mogen zijn
van het hemelse gastmaal,
waartoe wij genodigd worden
door onze Zaligmaker en Koning
Jezus Christus.
Amen.
15.O Heer, die onze Meester zijt,
breng ons tot deze maaltijd samen.
Gij hebt het goede ons bereid,
laat ons uw goedheid niet beschamen.
Wees met de woorden die wij spreken,
wees met het brood in onze mond,
dat zij ons worden tot een teken,
waarin Gij zelve tot ons komt.
Amen.
16.Heer van hemel en aarde,
zegen ons met uw liefdegave,
opdat ons zwak en behoeftig lichaam
daardoor verkwikt en versterkt moge worden.
Geef ons ook een levendig zicht
op ons geestelijk gebrek en onmacht,
zodat we hongeren en dorsten
naar de volmaakte gerechtigheid
van uw lieve Zoon Jezus Christus
om daarmee verzadigd te worden
voor het eeuwige leven.
Amen.
17.Bron van ons leven,
Brood ons gegeven,
zegen ons samenzijn
hier op dit uur –
met al uw gaven
wil Gij ons laven,
voedsel voor nu en op
den lange duur –
zegen ons samen,
doe ons beamen
dat Gij uw vrede deelt,
vruchtbaar en puur.
ZEGENBEDE
18.De verheven en menslievende God
zegene, behoede en verlichte ons
en allen die ons zijn toevertrouwd.
Amen.
Na de maaltijd
PSALM
19.Laten al uw schepselen U loven, Heer,
en uw getrouwen U prijzen.Ps. 145:10
Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
zoals het was in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen.
Amen.
GEDACHTENISGEBED
20.Wij gedenken, Heer,
hen die door de dood
uit ons midden zijn weggenomen
en die nu rusten
in de vrede van uw koninkrijk,
… gebedsstilte …
Wij danken U voor al het goede
dat zij hebben gebracht.
Zegen ons met de nabijheid van uw genade.
Zo bidden wij:
Gij die verrezen zijt, hoor ons gebed.
21.Wij gedenken, Heer, onze geliefde doden
die in de vrede van uw heerlijkheid zijn ingegaan:
… gebedsstilte …
Schenk uw nabijheid, God, aan wie achter bleven
en doe ook ons uitzien naar het eeuwig leven,
door Christus, onze Heer.
zie Dienstboek – een proeve, deel I blz. 1136v.
Amen.
GEBED
22.Barmhartige God, wij danken U voor al uw weldaden.
Geef ons een hart vol vreugde,
nu en alle dagen van ons leven
Amen.
23.Gij zijt het licht der wereld,
Gij zijt het brood des levens.
Lof zij U, Christus.
Liedsuggesties blz. 527-529
24.Gezegend zijt Gij, God,
Schepper van al wat leeft.
Uit uw milde hand
hebben wij gaven ontvangen.
Aan U dragen wij op
de vruchten van de aarde,
het werk van onze handen.
Maak het voor ons
en voor allen tot leeftocht
op weg naar uw koninkrijk,
voor nu en altijd.
Amen.
25.Gij, Koning der wereld,
wij danken U
voor al uw goede gaven.
Bovenal danken wij U
voor uw grootste gave:
Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
26.Gij draagt en voedt de wereld
dag aan dag,
en dieper dan wij durven vermoeden,
zijt Gij aanwezig,
overal waar wij gaan.
Wij danken U voor die aanwezigheid,
die zo verborgen en kwetsbaar,
zo trouw en daadwerkelijk is.
Wij geloven daarin en wij leven van U,
zoals wij leven van het brood,
zoals wij hongeren en dorsten naar gerechtigheid.
Amen.
27.Geprezen is onze God,
van wie komt wat wij hebben gegeten
en door wiens goedheid wij leven.
Geprezen moge Hij zijn
en geprezen zijn Naam.
Amen.
28.Wij danken U, Heer,
voor dit voedsel en deze drank,
voor de vriendschap die ons samenbindt,
voor uw liefde,
door Christus, onze Heer.
Amen.
29.Voor alle goede gaven, Heer,
zij U de dank en eer.
Wij danken U voor ’t daaglijks brood,
kracht en gezondheid, Heer.
30.O Heer, heb dank voor deze spijze,
heb dank dat Gij ons leven doet.
Laat nu de mond die at U prijzen,
U dankzeggen ons vlees en bloed.
Maar, Heer, heb dank het allermeest,
dat Gij ons werd een disgenoot
en dat wij eten van uw brood
en dat wij leven door uw Geest.
Amen.
31.Menslievende God,
uw Naam zij geloofd en gedankt,
omdat Gij ons met deze Uwe liefdegaven hebt gevoed.
Voed ook onze ziel met het brood des levens
en versterk onze harten door uw genade,
opdat wij onze krachten mogen besteden in uw dienst
en tot eer van uw Naam mogen leven.
Amen.
32.O Heer, wij danken U van harte
voor nooddruft en voor overvloed;
daar menig mens eet brood der smarte,
hebt Gij ons mild en wél gevoed.
Doch geef, dat onze ziele niet
aan dit vergank’lijk leven kleev’,
maar alles doe wat Gij gebiedt,
en eind’lijk eeuwig bij U leev’.
Amen.
33.Wij danken U, Heer,
voor al het goede
dat wij reeds ons leven lang
van U mochten ontvangen,
en waarvan ook deze maaltijd
een teken was.
Aanvaard dit dankgebed
en behoed allen die hier samen zijn
op de weg die zij nu gaan,
deze dag en heel ons leven.
Amen.
Op een doopdag/verjaardag/naamdag
34.Vandaag vieren wij de doopdag/verjaardag/naamdag
van N.
Deze dag is anders dan andere dagen,
wij vieren feest.
Wij danken U, God,
voor al het goede, dat N
in het afgelopen jaar heeft gekregen.
Wij danken U ook
voor alle vriendschap en liefde
die van N is uitgegaan.
Wij willen U betrekken
bij alles wat wij haar/hem vandaag toewensen.
Want Gij hebt ons gemaakt
als mensen die zoeken naar uw wil.
Gij weet hoe graag wij vooruitzien
en het beste nog verwachten.
Geef dat het zo zijn mag:
wij, uw mensen,
Gij, onze God,
tot in lengte van dagen.
Amen.
35.Goede God,
ik dank U
voor de dag van mijn geboorte –
dat ik geroepen werd
om te leven
omgeven door uw liefde.
Ik dank U
voor mijn vader en moeder
die mij uw trouw en bescherming
hebben voorgeleefd
en de ruimte geboden
te groeien naar uw licht.
Geef
dat ik dagelijks mag opstaan
en gesterkt door uw Geest
opnieuw geboren mag worden.
Amen.
36.Gij hebt, o God, dit broze
bestaan gewild,
hebt boven ’t nameloze
mij uitgetild, –
laat mij dan dankbaar leven
de volle tijd,
geborgen in de beven –
de zekerheid,
dat ik niet uit dit smal en
onvast bestand
van mijn bestaan zal vallen
dan in uw hand.
Amen.
Liedsuggesties blz. 527-529