Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Dienstboek

IV - Middaggebeden

53

God, onze Vader,

Gij draagt en ondersteunt ons

op onze weg door het leven.

Verhoor ons gebed,

maak onze aarde tot een tuin

waarin het goed is te leven en te werken,

alle dagen van ons leven.

54

God,

antwoord ons

nu wij tot U bidden.

Verhoor ons

terwijl wij tot U spreken,

Schep een nieuwe hemel

en een nieuwe aarde

waar iedereen in vrede is

en kan genieten

van het werk van zijn handen

tot lof en eer van uw Naam.

55

God, onze Vader,

Gij hebt uw gelaat aan ons getoond

in Jezus, uw Zoon.

Door Hem zijn wij leerlingen en vrienden geworden.

Wend U niet af van ons bidden

en maak onze aarde vol van uw heerlijkheid,

alle dagen van ons leven.

56

Gij, Heer, alleen

Gij oordeelt mij.

Want ook al weet

onder de mensen niemand

wat is

in de mens

dan alleen de geest van de mens

die in hem is –

toch is er iets

in de mens

wat zelfs de geest van de mens

niet weet.

Gij echter, Heer,

Gij die de mens gemaakt hebt -

alles weet Gij van hem.

Laat mij dus bekennen

wat ik van mij weet;

laat mij ook bekennen

wat ik van mij niet weet.

Want wat ik weet van mij

weet ik door Uw verlichting;

en wat ik van mij niet weet

zal ik zolang niet weten

totdat U zult zijn

in uw aanschijn

‘mijn duisternis

als middaglicht’.

57

Des ochtends als het licht ontstaat,

’s avonds, wanneer het ondergaat,

zij God geprezen, die de dag

verrijzen doet op zijn gezag.

Hem loven wij om ’t lieve licht,

afschijnsel van zijn aangezicht,

wij loven Hem des morgens vroeg,

des avonds laat en nooit genoeg.

Maar als de zon gerezen is

die ons een beeld van Jezus is,

dan is op ’t hoogste van de tijd

de dag een berg van heerlijkheid.

Want alles spreekt, maar zonder stem,

van Hem die heilig is, van Hem

die dag en nacht doordringen zal,

de dag een berg, de nacht een dal.

Heel ’t ondermaanse staat gereed

door Hem te worden overkleed

gelijk een stad, gelijk een bruid,

de wereld kijkt haar ogen uit!

O Zonne der gerechtigheid,

die stralende van liefde zijt

en blakende van streng gericht,

hef over mij uw goed gezicht.

Ik bid tot U, mijn heilig vuur,

ik bid U in dit middaguur, –

één dag, één leven is zo kort,

maak dat ook ik verheerlijkt word!

melodie: Zingend Geloven 1&2/134