VIII - Gebeden voor ieder uur
101.
U, Vader van alle krachten,
U, Moeder van alle leven,
U, broeder van alle pelgrims,
U, zuster van allen die geven,
U, zoon van het ruimhartige Licht,
U, dochter van de vredige stilte, –
voor U openen wij ons hart.
U, Woord,
dat alle daden fundeert,
U, Daad,
die alle woorden overstijgt,
U, Duister,
omdat wij dit Licht niet aankunnen,
U, Licht,
omdat wij in duister wonen,
U, Eeuwige,
in wie alle tijd is geborgen,
U, Alomarmende,
waarbinnen zich alles beweegt, –
wees welkom in ons hart!
U, opgaande Zon van het oosten,
U, stralende gloed van het zuiden,
U, verstild licht van het westen,
U, intieme glans van het noorden,
U, vriendelijke zegen van het zenit,
U, dragende kracht van de aarde, –
wees de Kern van ons hart.
102.
Heer,
geef mij niet over
aan mijn menselijke onwetendheid
en kwetsbaarheid,
noch aan mijn eigen tekorten,
noch aan wat ook,
tenzij aan uw liefde
die naar mij uitgaat.
Beschik in uw goedheid over mij,
over mijn gedachten en daden,
naar uw welbehagen.
Zodat uw wil moge geschieden
door mij, in mij, en buiten mij om.
Bevrijd mij van alle kwaad
en leid mij naar het eeuwig leven
door de Heer.
103.
O God, maak ons tot mensen
naar het beeld van uw Zoon:
met ogen die niet alleen kijken,
maar ook kunnen aanzien;
met oren die niet alleen horen,
maar ook kunnen luisteren;
met een mond die niet alleen praat,
maar ook kan spreken;
met een verstand dat niet alleen begrijpt,
maar ook kan verstaan;
met een hart dat niet alleen klopt,
maar ook bewogen kan zijn;
met handen die niet alleen grijpen,
maar zich ook kunnen openen;
met voeten die niet alleen draven,
maar ook tegemoet kunnen komen,
want zo zijn wij gezegend
en elkaar tot zegen.
104.
Almachtige God,
uit genade hebt Gij ons de weg gewezen,
waarop wij niet verkeerd kunnen uitkomen,
als wij U volgen.
Help ons daarom, dat wij U gaarne volgen,
bereid om te gehoorzamen.
Leer ons te handelen naar uw wil
die Gij ons bekend hebt gemaakt.
Laat ons
noch ter rechter noch ter linker zijde afwijken.
Geef ons niet te steunen op iets in onszelf,
maar U alleen te dienen met een stille geest,
totdat wij onze levensloop
in gerechtigheid voleindigd hebben
en geraken tot die zalige rust
die uw Zoon ons door zijn bloed verworven heeft.
105.
God,
Gij geeft ons de vrijmoedigheid
tot U te bidden.
Doe ons bidden naar uw wil,
luister naar ons vragen
en laat ons ervaren
dat Gij onze gebeden verhoort
door Christus, onze Heer.