X - De gemeente viert
De gemeente viert
De gemeente viert. In de eredienst komen mensen met hun geloof en twijfel, hun nood en hun dankbaarheid voor Gods aangezicht. Daar zal, in lofprijzing en klacht, in verkondiging en bediening van de sacramenten, Gods genadige toewending tot de wereld gestalte krijgen.
Heel de gemeente deelt in het 'priesterschap van alle gelovigen' die onder meer gestalte krijgt in de eredienst. Gemeenteleden, kerkmusici, diakenen, ouderlingen en predikanten hebben elk hun aandeel in de samenkomst van de gemeente.
In verschillende tijden zullen die taken en rollen steeds opnieuw moeten ontdekt moeten worden. ‘Laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis, om een heilig priesterschap te vormen, tot het brengen van geestelijke offers die Gode welgevallig zijn door Jezus Christus’ (1 Petr. 2: 5). De eredienst zal dan ook een centraal thema in het beraad van de gemeente zijn. Aldus kan vernieuwing van de gemeente tot de lof des Heren en de toewijding aan kerk en wereld een inspirerend gebeuren worden, waar velen actief bij betrokken zijn.
Er zijn verschillende vormen waarin de gemeente haar verantwoordelijkheid voor de eredienst tot uitdrukking kan brengen.
1. Eredienst als beraadsthema van kerkenraad en werkgroepen
- planning van perioden van het kerkelijk jaar en bijzondere diensten;
- keuze van leesrooster, thematieken leerdiensten;
- kerkmuziek: beleid rond het zingen van kerklied en liturgie; planning cantorij, concerten; financiering;
- plannen van doelen diaconale collecten en projecten;
- organisatie, toerusting en voorbereiding van deelname voorgangers, voorzangers, lectoren (inclusief gebeden), kinderen.
2. Voorbereiding van de eredienst
- periodieke voorbereiding door direct verantwoordelijken: predikant, kerkmusicus, leiding kindernevendienst, lectoren;
- liturgie- en preekvoorbereidingsgroepen;
- voorbereiding van speciale diensten of delen daarvan door groepen in de gemeente.
3. Deelname van de gemeente aan de eredienst
- de voorbereiding van de kerkruimte te onderscheiden naar een aantal deeltaken, bijvoorbeeld de kosterij en de verantwoordelijkheid voor de versiering van de kerk met bloemen.
- het liturgisch handelen van de gemeente
a. voorgangers
taken van de predikant:
* apostolische groet en zegen;
* gebed van de (zon)dag / om verlichting met de heilige Geest;
* verkondiging;
* dienst van de gebeden;
* gebed over de gaven;
* bediening Maaltijd van de Heer (tafelgebed, breken en delen);
* bediening van de Doop.
taken van de diakenen:
* kyrie-intenties en voorbede;
* inzamelen van de gaven en toebereiding van de tafel en uitdeling van brood en wijn bij de Maaltijd van de Heer;
* dienst van de barmhartigheid.
taken van de ouderlingen:
* mede-verantwoordelijkheid dragen voor de tucht van het geloof in de verkondiging en bij de viering van de Maaltijd van de Heer;
* delen in de voorbede.
taken van de kerkmusici:
* leiding geven aan de zang en het musiceren van de gemeente.
b. gehele gemeente, jong en oud
* het zingen van liederen, beurtzangen,
* antwoorden en acclamaties van de gemeente (Amen, Eer aan de Vader, U komt de lof toe, Heilig, enzovoort);
* wisselzang tussen delen van de gemeente, bijvoorbeeld de cantorij (Kyrie eleison, Ere zij God in den hoge, avondmaalsliturgie);
* schriftlezingen;
* delen in de gebeden;
* helpen bij het inzamelen van de gaven;
* helpen bij het ronddelen van brood en wijn.
4. Vormen van deelname aan de eredienst
- stilte in de eredienst:
* bij de aanvang van de dienst;
* voor het gebed van de zondag;
* na de lezingen;
* na de prediking;
* tijdens de voorbede (voor persoonlijk gebed);
* na het ontvangen van brood en wijn.
- bijdragen van enkelingen of groepen, kinderen, enzovoort:
* vocale en instrumentale muziek;
* dans;
* persoonlijke intenties bij kyrie of voorbede (direct of via voorbedeboek);
* actualisering en doorwerking in relatie met prediking en geloofsbelijdenis (bijvoorbeeld met behulp van bibliodrama);
* berichten in het kader van de gebeden en de inzameling van de gaven;
- het handelen van de gemeente als teken van deelname en verbondenheid:
* staan bij het gebed, de lezing(en), de geloofsbelijdenis, het avondmaalsgebed – als teken van eerbied. In vele kerken van de Reformatie wordt ook staande gezongen, omdat dit een betere lichaamshouding voor het zingen is;
* knielen bij schuldbelijdenis, gebed en (persoonlijke) zegen – als teken van ootmoed en concentratie;
* gebedshoudingen (vouwen van de handen, opheffen van de handen) – als teken van toewijding en ontvankelijkheid;
* handoplegging - als teken van zegen (bij kinderen die nog niet deelnemen aan de Maaltijd van de Heer, ambtsdragers en gemeenteleden aan wie een ambt of taak wordt toevertrouwd, mensen in specifieke persoonlijke situaties);
* zich bekruisen – als teken van belijdenis en gedachtenis van de eigen doop.
5. Deelname van de gemeente na de eredienst
- het bezoek aan gemeenteleden door gemeenteleden na de eredienst (communie van aan-huis-gebondenen, (bloemen)groet, zondagsbrief met orde van dienst);
- nagesprek over de dienst.
De verschillende manieren waarop de gemeente in de viering van de eredienst kan delen, zijn hier uiteraard slechts genoemd als mogelijkheden. Steeds zal het erom gaan een fundamentele betrokkenheid van de gemeente in en om de eredienst behoedzaam en geduldig te ontwikkelen. Dat zal veelal een kwestie van lange adem zijn, waarbij het accent valt op een passende toerusting van de gemeente of van leden van de gemeente. Het gaat er daarbij niet om zoveel mogelijk vormen van participatie in alle diensten te bereiken. Veeleer zal het de zorg van de gemeente zijn om op een open wijze de juiste accenten in de dienst te leggen, waarbij nu eens dezen, dan weer genen hun diensten zullen verlenen. Juist ook hier geldt: kwaliteit gaat voor kwantiteit. In ieder geval mag een vrijheid groeien, waarbij allen zich gelijkelijk verantwoordelijk weten.