34 ‘Zo lief hebt Gij de wereld gehad’
De HEER zal bij u zijn.
De HEER zal u bewaren.
Verheft uw hart.
Wij zijn met ons hart bij de HEER.
Brengen wij dank aan de HEER, onze God.
Hij is onze dankbaarheid waardig.
Waarlijk, het is passend en goed
dat wij U dank brengen,
altijd en overal,
God onze Vader,
door Jezus Christus, onze Heer.
In Hem hebt Gij alle dingen geschapen
en ons gevormd naar uw eigen beeld.
Door Hem hebt Gij ons vrijgekocht
uit de slavernij van zonde en dood.
Gij hebt ons verzoend met U
en ons tot uw volk gemaakt.
Daarom, met heel uw kerk,
met alle engelen
en heel de wolk van getuigen,
verheerlijken wij uw heilige Naam
en zingen uw glorie:
Heilig, heilig, heilig is de HEER!
Hemel en aarde zijn vol van zijn heerlijkheid.
Hosanna in de hoogste hemelen!
Gezegend Hij die komt in de naam van de HEER!
Hosanna in de hoogste hemelen!
Heilige Vader,
zo lief hebt Gij de wereld gehad,
dat Gij, toen de tijd vervuld was,
uw eigen Zoon gezonden hebt
opdat Hij onze Redder zou zijn.
Hij, uw eeuwig Woord,
is geboren uit een dochter der mensen
en Hij is ons in alle dingen gelijk geworden,
behalve in de zonde.
Aan armen heeft Hij het Goede Nieuws verkondigd,
aan gevangenen bevrijding,
aan bedrukten vreugde.
Hij is heel de weg van uw liefde gegaan
en daarom nam Hij
in de nacht waarin Hij werd overgeleverd
het brood
en na gedankt te hebben,
brak Hij het
en gaf het aan zijn leerlingen met de woorden:
Neemt en eet, dit is mijn lichaam voor u.
Doet dit tot mijn gedachtenis.
Evenzo, na de maaltijd, nam Hij de beker
en na gedankt te hebben
gaf Hij hun die en zei:
Drinkt allen hieruit, want dit is mijn bloed,
het bloed van het nieuwe verbond,
vergoten voor u en voor velen
tot vergeving van zonden.
Doet dit, zo dikwijls gij hieruit drinkt,
tot mijn gedachtenis.
Hoe wonderlijk, HEER, is het geheim van uw liefde!
[Acclamatie, bijvoorbeeld:
Christus is gekomen,
Christus is geboren,
Christus heeft geleden,
Christus is gestorven,
Christus is verrezen!
Christus leeft!
Christus zal wederkomen!
Christus is hier!]
Liturgische Gezangen 114
Met dit brood en deze beker
gedenken wij de dood van uw Zoon,
verkondigen wij zijn opstanding
in de verwachting van zijn wederkomst,
en brengen wij U dank
om het offer dat Hij voor ons heeft gebracht.
Zend nu uw heilige Geest,
opdat wij met dit voedsel uit de aarde,
delen in het lichaam en bloed van onze Redder.
Dat uw Geest, HEER, ons leven mag maken
tot een levend offer in uw dienst
en uw kerk tot een plaats van waarheid en vrijheid,
waar ieder mens de hoop kan hervinden.
Dat uw Geest ons mag bewaren
in geloof en liefde,
in één lichaam verbonden,
tot de dag waarop wij,
met allen die ons zijn voorgegaan,
bij U verenigd zullen worden
in de vreugde van uw Rijk.
Amen.
In gemeenschap met uw Zoon
mogen wij, als uw kinderen, zeggen:
Onze Vader ...
Hierna volgt het Gebed des Heren (bladzijde 169-170)