Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Dienstboek

39 ‘Eeuwige Wijsheid’

Bewerk hoofdstuk Split hoofdstuk

(Pinksteren)

O, eeuwige Wijsheid,

wij prijzen U en zeggen U dank,

want, zoals Gij eertijds Uzelf hebt geopenbaard

in storm en vuur en in uw kostbaar woord,

zo hebt Gij uw volgelingen

niet zonder troost achtergelaten.

Gij zijt op deze dag over hen gekomen

in donder, wind en vlammen.

Gij hebt hen vervuld met helderheid en kracht

en hen dronken gemaakt van verlangen

om uw onbevattelijk woord uit te spreken.

En nu hebt Gij uw Geest uitgestort over alle vlees,

opdat uw zonen en dochters profeteren,

jong en oud visioenen zien

en zelfs de slaven hun stem verheffen.

Daarom,

met Elisabet die uw geboorte aankondigde,

met Maria die zong voor de armen,

met Marta die U als de Christus beleed,

met de vrouwen die uw opstanding verkondigden

en met elke naamloze en vergeten profetes

die uw roepstem hoorde en haar volk inspireerde,

prijzen wij U en zingen:

Heilig, heilig, heilig,

God van de machten en krachten,

vol zijn hemel en aarde

van uw heerlijkheid.

Hosanna in de hoge.

Gezegend die komt in de naam van God.

Hosanna in de hoge.

Liturgische Gezangen 104

Gezegend is onze broeder Jezus,

die door de deuren komt, die wij hebben gesloten,

en die zijn ontzagwekkende vrede

uitademt over onze vrees;

die, in de nacht waarin Hij werd verraden,

brood nam, U dankte, het brak en zei:

Dit is mijn lichaam voor u.

Doet dit om Mij te gedenken.

Evenzo nam Hij na de maaltijd de beker en zei:

Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed.

Doet dit, zo dikwijls gij die drinkt,

om Mij te gedenken.

Christus’ dood gedenken wij,

Christus’ opstanding verkondigen wij;

Christus’ intocht verwachten wij.

Liturgische Gezangen 105

Kom dan, Geest die heelmaakt,

Geest van tederheid, inzicht en beweging,

doorbreek onze sprakeloosheid,

ontsteek ons verlangen,

reik tot in onze stilte

en laat onze woorden branden in uw waarheid,

zodat een ieder in haar eigen taal

mag horen spreken van de grote daden Gods.

Amen.

Liturgische Gezangen 102

Hierna volgt het Gebed des Heren (bladzijde 169-170)