2 ‘Veelbelovend is uw Woord’
(Advent)
U komt onze dank toe,
HEER onze God,
overal en altijd,
door Jezus, onze Heer.
Want veelbelovend is uw Woord:
een stad, een land, van vrede
voor de mensen,
dat hebt Gij ons beloofd
en dat is ons bevestigd
in Jezus, uw Zoon,
de eerstgeborene van uw toekomst.
Daarom, HEER onze God,
stemmen wij van harte in
met het lofgezang van allen
die om uw troon staan,
van aartsvaders en profeten,
van apostelen en martelaren,
van alle zieners en zangers,
en zingen wij U toe:
Heilig, heilig, heilig,
HEER God van alle machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam van de HEER.
Hosanna in de hoge.
Gezegend zijt Gij, God onze Vader,
en gezegend is Jezus die komt in uw Naam.
Want in Hem kwam uw Rijk ons nabij:
Hij was in levenden lijve
uw wil en uw heil
en bezaaide uw aarde
met woorden en wonderen
van liefde en hoop.
Laat uw Geest zijn woorden vervullen,
nu wij doen wat Hij ons opdroeg:
Hij heeft in de nacht van de overlevering
het brood genomen,
daar de dankzegging over uitgesproken,
het gebroken en aan zijn discipelen gegeven,
en gezegd:
Neemt en eet,
dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt,
doet dit tot mijn gedachtenis.
Zo heeft Hij ook de beker genomen,
daar de dankzegging over uitgesproken,
hem rondgegeven
en gezegd:
Drinkt allen daaruit,
deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en voor velen vergoten wordt
tot vergeving van zonden.
Doet dit, zo dikwijls gij die drinkt,
tot mijn gedachtenis.
Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.
Maranatha.
Bijeen tot zijn gedachtenis
komen wij tot U, o God,
met dit brood en deze beker
en wij bidden U:
gedenk het offer van de Zoon van uw liefde
en aanvaard ons offer van lof en dank.
Zend uw Geest in ons midden
en bemoedig ons zo
dat wij in een wereld zonder hoop
een sprekend teken kunnen zijn
van uw aanhoudende zorg
en uw liefdevolle leiding
op weg naar uw toekomst,
de stad van ons hart,
waarin wij U zullen eren
met allen die wij voor uw aangezicht gedenken ....,
met allen die ons zijn voorgegaan,
met wie ons lief waren
en die we moesten verliezen .....,
met de heiligen van naam
en de ontelbare vergetenen,
heel uw mensenvolk,
genodigd aan uw maaltijd.
Uw Koninkrijk kome,
hier in ons midden,
God onze Vader,
gezegend zij uw Naam,
tot in lengte van dagen,
door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
Hierna volgt het Gebed des Heren (bladzijde 169-170)