Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Vindplaats van geloof, hoop en liefde
subline-curl
Dienstboek

9 ‘Mensen met honger en dorst’

Bewerk hoofdstuk Split hoofdstuk

(Gerechtigheid en vrede)

U komt onze dank toe,

HEER onze God,

overal en altijd,

door Jezus, onze Heer.

Want Gij hebt omgezien

naar mensen met honger en dorst:

het brood van uw leven

en de wijn van uw liefde

reikt Gij ons aan,

een maaltijd van overvloed

voor alle volken

stelt Gij in het vooruitzicht.

Daarom, HEER onze God,

voegen wij ons

in het grote koor

van allen die U eren en dienen,

van de heiligen van naam

en van al die kleine stemmen,

van heel uw mensenvolk,

genodigd aan uw maaltijd,

en zingen wij uit alle macht:

Heilig, heilig, heilig,

HEER God van alle machten.

Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.

Hosanna in de hoge.

Gezegend Hij die komt in de naam van de HEER.

Hosanna in de hoge.

Gezegend zijt Gij, God onze Vader,

en gezegend is Jezus die komt in uw Naam.

Want Hij is uw roepstem,

uw woord dat ons opricht,

uw oog en uw oor

voor wat leeft in ons hart,

uw milde hand

die het brood met ons deelt

en de beker doet rondgaan.

Laat uw Geest zijn woorden vervullen,

nu wij doen wat Hij ons opdroeg:

Hij heeft in de nacht van de overlevering

het brood genomen,

daar de dankzegging over uitgesproken,

het gebroken en aan zijn discipelen gegeven,

en gezegd:

Neemt en eet,

dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt, 

doet dit tot mijn gedachtenis.

Zo heeft Hij ook de beker genomen,

daar de dankzegging over uitgesproken,

hem rondgegeven

en gezegd:

Drinkt allen daaruit,

deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed

dat voor u en voor velen vergoten wordt

tot vergeving van zonden.

Doet dit, zo dikwijls gij die drinkt,

tot mijn gedachtenis.

Zijn dood gedenken wij,

zijn opstanding belijden wij,

zijn toekomst verwachten wij.

Maranatha.

Bijeen tot zijn gedachtenis

komen wij tot U, o God,

met dit brood en deze beker

en wij bidden U:

gedenk het offer van de Zoon van uw liefde

en aanvaard ons offer van lof en dank.

Zend ons de Geest van uw liefde

en wees de ziel van ons bestaan,

dat wij van dienst zijn,

zoals Gij ons wilt dienen:

het brood breken en delen,

rechtzetten en heelmaken

en behoedzaam omgaan

met uw kostbare schepping.

Want zo wordt uw Naam geheiligd,

zo komt uw Rijk ons nabij,

God onze Vader,

gezegend tot in lengte van dagen,

door Jezus Christus, onze Heer.

Amen.

Hierna volgt het Gebed des Heren (bladzijde 169-170)