35 ‘Eeuwige Wijsheid’
(voor algemeen gebruik)
Eeuwige Wijsheid,
bron van ons bestaan
en doel van heel ons verlangen,
wij prijzen U en zeggen U dank.
In U zijn wij geschapen,
vrouwelijk en mannelijk, naar uw beeld,
om uw wereld te koesteren
en uw aangezicht te zoeken.
Toen wij nog hulpeloos waren,
verdeeld en misvormd door de zonde,
hebt Gij uw macht afgelegd
en ons weerloos bestaan aangenomen.
Gij hebt voor ons aan het kruis geleden,
in barensnood,
om ons voort te brengen
als kinderen van de opstanding.
Daarom,
met de vrouw die U het leven gaf,
met de vrouwen
die als vrienden met U omgingen
en U te eten en te drinken gaven,
die woorden met U hadden
en die U hebben ontroerd,
met de vrouw die U zalfde voor uw dood,
met de vrouwen die U hebben ontmoet als de Opgestane,
met allen die U door de eeuwen heen hebben liefgehad,
prijzen wij U en zeggen (zingen):
Heilig, heilig, heilig,
Gij, kwetsbare God,
vol zijn hemel en aarde
van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend die komt in de naam van God.
Hosanna in de hoge.
Liturgische Gezangen 100
Gezegend is onze broeder Jezus,
die, vóór zijn lijden,
vurig verlangde om met zijn vrienden
het paasmaal van bevrijding te houden;
die, in de nacht waarin Hij werd verraden,
brood nam, U dankte, het brak en zei:
Dit is mijn lichaam voor u.
Doet dit om Mij te gedenken.
Evenzo nam Hij na de maaltijd de beker en zei:
Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed.
Doet dit, zo dikwijls gij die drinkt,
om Mij te gedenken.
Christus gestorven,
Christus verrezen,
Christus zal komen, opnieuw.
Liturgische Gezangen 101
Daarom,
nu wij eten van dit brood
en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood van Christus
totdat Hij komt.
In het gebroken lichaam en het vergoten bloed
geven wij de gebroken en vergeten slachtoffers
van tirannie en zonde
een plaats in onze herinnering en hoop,
en zien wij uit naar het brood van morgen
en de wijn van de tijd die komen zal.
Kom dan,
levengevende Geest van onze God,
broed op deze aardse gaven
en maak ons tot één lichaam in Christus;
dat wij met de schepping
in barensnood mogen zijn
om uit de slavernij van de vergankelijkheid
verlost te worden
tot de heerlijke vrijheid van de kinderen Gods.
Amen.
Liturgische Gezangen 102
Hierna volgt het Gebed des Heren (bladzijde 169-170)